Volgend jaar gaan mijn familie en ik verhuizen naar Zuid-Limburg, of all places. Ik zal mij even voorstellen. Ik ben een meid van 17 jaar die bij haar ouders woont. Wij wonen momenteel nog in Amsterdam. Mijn broertje is 15 jaar oud. Op een dag besloten mijn ouders om naar Zuid-Limburg te verhuizen. Waarom? Dat leg ik uit.

Gezin

Zoals iedereen zijn wij een doodnormaal gezin. Wij eten iedere avond gezamenlijk en kijken iedere zondag voetbal. Mijn broertje en ik hebben het erg naar ons zin in Amsterdam. Hier wonen onze vrienden ook. Onze middelbare school is ook niks mis mee. Alles lijkt goed, totdat mijn ouders ons vragen om naar beneden te komen. Mijn broertje en ik lopen niks vermoedelijk de trap af. Er hangt een serieuze sfeer in de keuken. Mijn broertje en ik gaan aan tafel zitten. Mijn ouders beginnen te praten. Wij krijgen het slechte nieuws te horen. Het komt als een klap aan. Wij wisten niks van deze plannen af. Wij begonnen meteen in de verdediging te roepen dat wij niet weg wilden. En onze school dan? En onze vrienden?

Mijn ouders bleven bij hun besluit. Wij vertrekken volgende maand al. Ongelofelijk hoe ouders soms geen rekening houden met hun kinderen.

De reden

Nadat iedereen gekalmeerd was vertelde mijn vader ons dat hij had gezocht op monteur vacature en dat hij een baan aangeboden gekregen had in het zuiden van Limburg. Wij snapte er niks van. Wij vroegen ons af of hij niet gewoon in Amsterdam monteur kon zijn. Mijn vader was ervan overtuigd dat dit de enige mogelijkheid was. Ik was eigenlijk heel boos maar ook heel verdrietig. Ik ga 300 kilometer verderop wonen. Ver weg van mijn vriendinnen. Mijn broertje zal nu alleen nog maar meer gaan gamen.

Ik was redelijk in paniek.

Het slechte nieuws

Ik zal en moest het aan mijn vriendinnen gaan vertellen. Volgende maand ben ik al weg. Zo kort de tijd om nog even afscheid te nemen. De volgende dag ging ik met een chagrijnig humeur naar school. Mijn vriendinnen merkte meteen dat er wat aan de hand was. Ik heb het ze meteen verteld. Zij waren ook niet blij. Ik heb uitgelegd dat ik er niks aan kon doen. Volgend jaar als ik 18 jaar ben ga ik op kamers en kom ik terug naar Amsterdam. Ik heb het ze beloofd.

Ik ga gelukkig volgend jaar naar de Hogeschool van Amsterdam. Ik hoef maar één jaar in Limburg te wonen. Dit stelde mij gerust.

Wat mijn broertje betreft… die zal er wat langer moeten rondhangen.